Blog NWP: ‘Een taaie klacht’

Een patiënt, man van 57 jaar oud zonder relevante voorgeschiedenis, heeft last van een brandend gevoel in het gehemelte waarbij de tong en de wangen niet mee doen. De sensatie is ontstaan na staken met roken en voelt alsof je goedkope wijn drinkt waar tannine in zit. Overigens wordt de klacht door kauwen van kauwgum beter en bij eten heeft hij ook geen last. Pepermunt lijkt wel iets te helpen. Verder heeft hij liggend geen last. Er is allerlei onderzoek gedaan via de KNO-arts, de kaakchirurg en de dermatoloog inclusief allergie testen, zonder dat er een oorzaak gevonden is.

Diagnose

De klacht past bij burning mouth syndrome (BMS). Dat is een chronische aandoening met een prevalentie van 0,3% van de bevolking in de VS. De klacht is een branderige sensatie in de mond met smaakstoornis en droge mond ondanks een normale speekselvloed. BMS kent een typerend beloop van weinig klachten in de ochtend, toename gedurende de dag en afname in de nacht.

Oorzaak

Het syndroom komt vaker voor bij peri-/postmenopauzale vrouwen. Er is geen bekende oorzaak, al komen secundaire vormen ervan voor bij onder andere schildklierziekten, mondinfecties en vitaminen deficiënties. Ook de pathofysiologie is niet opgehelderd, maar lijkt te passen bij een vorm van dunnevezelneuropathie van de nervus trigeminus (Gurvits, 2013).

De behandeling viel tegen     

Behandeling voor BMS met gabapentine had bij deze patiënt slechts tijdelijk effect. Afgaande op de ervaringen met dunnevezelneuropathie werd lacosamide geprobeerd met een positief effect van enkele weken. Andere anti-epileptica hielpen niet. Op basis van de literatuur werd alfa-liponzuur en capsaïcine spray geprobeerd (0,35 mg in 10 ml water), Capsaïcine hielp niet meer dan een paar weken. Uiteindelijk bleek de combinatie clonazepam (1-2×0,5 mg) met lacosamide (2×50-100 mg) het beste te werken, met een werkingsduur van enkele maanden. Tot slot werd pramipexol voorgeschreven, omdat dit werkt bij het “rusteloze mond syndroom” (Jung, 2017), met valaciclovir, omdat er een relatie is gevonden met Herpes infecties en er een hoge titer anti-VZV IgG aangetoond was. Helaas heeft dit medicament ook geen noemenswaardig effect geresorteerd. Uiteindelijk wordt besloten de klacht maar te accepteren. Hij blijft zuurtjes en pepermunt gebruiken en is gelukkig niet opnieuw gaan roken.

BMS is een uiterst frustrerende aandoening voor zowel de patiënt als behandelaar. De aandoening komt waarschijnlijk veel voor en wordt kennelijk door veel patiënten geaccepteerd zonder medische zorg te zoeken, die eerlijk gezegd ook niet te vinden is. Niet voor elke klacht is een oplossing, maar weten waar je aan lijdt is wel een geruststelling.

Referenties:

  • Gurvits GE, Tan A. Burning mouth syndrome. Review. World J Gastroenterol 2013;19(5):665-672.
  • Marino R. Different therapeutic strategies for burning mouth syndrome: preliminary data. J Oral Pathol Med 2010;39:611-616.
  • Miziara I. Therapeutic Options in Idiopathic Burning Mouth Syndrome: Literature Review. International Archives of Otorhinolaryngology 2015;19:86-89.
  • Nagel MA. Burning mouth syndrome associated with varicella zoster virus. BMJ Case Rep 2016. doi:10.1136/bcr-2016-215953.
  • Jung Y, et al. Case Restless mouth syndrome. Neurology. Clinical Practice 2017.

Geschreven door: Dolf Boerman, neuroloog, Rijnstate Ziekenhuis te Arnhem

Ondergetekende is lid van de werkgroep NWP (Ned. Werkgroep Pijn), een subvereniging van Nederlandse Vereniging voor Neurologie. De NWP stelt zich ten doelt om de kennis over chronische pijn bij artsen in opleiding te verbreden.