“We willen patiënten met neuropathische pijn in het operatiegebied weer functioneel krijgen”

Drs. Amar Sheombar, pijnspecialist, over de behandeling van neuropathische pijnklachten ontstaan na een orthopedische ingreep.

Pijn die optreedt na een operatie herstelt over het algemeen na ongeveer zes tot acht weken. Patiënten die na deze periode last blijven houden van neuropathische pijnklachten in het geopereerde gebied, ook wanneer de operatie goed is verlopen, kunnen bij Viasana in aanmerking komen voor een behandeling met Qutenza 8% capsaïcinepleisters. Een patiënte bij wie de pleister net verwijderd wordt, vertelt: “Ik ben heel dankbaar voor deze behandeling. Ik kan mijn voet nu weer beter afwikkelen en makkelijker lopen.”

“Pijn is een alarmsignaal”, legt drs. Amar Sheombar uit, “een beschermingsmechanisme dat zorgt voor een goed herstel van het lichaam. Pijn wordt echter een probleem wanneer patiënten na de normale herstelperiode nog steeds klachten ervaren, de pijn is dan niet meer functioneel.” Amar Sheombar is als pijnspecialist verbonden aan ViaSana, een orthopedische behandelkliniek voor mensen met bewegings- en pijnklachten. Patiënten komen hier voor ingrepen variërend van het plaatsen van knie- en heupprotheses tot kruisbandoperaties en standbeenscorrecties. Amar Sheombar: “Het unieke aan dit centrum is dat we vrij klein zijn. De orthopeden zijn zich bewust van het feit dat neuropathische pijnklachten in het geopereerde gebied kunnen optreden, waardoor zij deze patiënten snel naar de pijnspecialisten kunnen verwijzen.”

Afhankelijk van de patiënt

Patiënten met aanhoudende neuropathische pijnklachten op een specifieke plek na de operatie worden dus ofwel via de orthopeed van ViaSana, ofwel via de huisarts naar ViaSana verwezen. Bij deze patiënten wordt eerst een anamnese afgenomen om de oorzaak van de klachten te achterhalen. Nagegaan wordt hoe de operatie verlopen is, wat er postoperatief nog gedaan is door de orthopeed en hoe de huisarts en fysio- of manueel therapeut de pijnklachten hebben behandeld. Vervolgens bespreekt Amar Sheombar de mogelijke opties voor een behandeling van de neuropathische pijn. “De behandeling is afhankelijk van de patiënt die ik voor me heb zitten”, zegt Amar Sheombar. “Bij jonge patiënten moeten we bijvoorbeeld rekening houden met mobiliteit, school of werk en dan kan systemische medicatie minder geschikt zijn. Voor patiënten met neuropathische pijnklachten na een knie-operatie kan een gepulseerde radiofrequente (PRF) behandeling een goede uitkomst bieden. Met deze techniek proberen we de aangedane zenuw zodanig te moduleren dat deze de pijnprikkel niet meer door kan geven aan de hersenen. Maar omdat we aan het eind van de behandeling een kleine hoeveelheid corticosteroïden inspuiten, bestaat er een kans op infecties.” Vooral bij patiënten met een knieprothese is een infectie in het geopereerde gebied iets wat te allen tijde voorkomen moet worden. Amar Sheombar: “Door in dat geval te kiezen voor een behandeling met een capsaïcinepleister, een niet-invasieve behandeling, kunnen we dat probleem omzeilen. Daarom hanteer ik bij het overwegen van de behandelopties toch vaak de volgorde: capsaïcinepleister, PRF, systemische medicatie.”

De pijnspecialist wordt bijgestaan door Alice Garritsen, pijnpoli-assistente bij ViaSana. Zij draait eenmaal per maand een speciaal ‘capsaïcinepleister-spreekuur’ en zorgt voor het aanbrengen en vervolgens verwijderen van de pleisters bij patiënten. “Over het algemeen zijn patiënten heel tevreden over de pleisters”, zegt ze. “Ik heb tot nu toe slechts één patiënt gehad die het te veel vond branden.”

Lage behandelfrequentie

Naast de medicamenteuze therapie is ook de psychologische kant van een pijnbehandeling van groot belang. “Depressieve klachten kunnen pijnklachten bijvoorbeeld verergeren”, zegt Amar Sheombar, “en als we daar geen aandacht aan besteden, zal de pijnbehandeling minder goed werken.” Daarnaast is in beweging blijven een belangrijk advies dat patiënten meekrijgen. Het effect van capsaïcinepleisters, maar ook van PRF, zou meerdere maanden aan moeten houden. “Wanneer patiënten in deze periode actief blijven, hopen we dat de ingezette pijnbehandeling ervoor zorgt dat de klachten ook na verloop van tijd steeds verder verminderen en acceptabel worden.” Bij een van de patiënten die tijdens het spreekuur behandeld wordt, is de capsaïcinepleister nu vier keer aangebracht. Tussen de vorige en de huidige behandeling zat een langere periode. “Dat is heel mooi”, zegt Amar Sheombar, “want mede door te kijken wat patiënten zelf nog kunnen doen om de pijn te verminderen, proberen we de behandelfrequentie zo laag mogelijk te krijgen.”

Last resort

Hoewel patiënten van heinde en verre naar ViaSana komen – een van de patiënten die Alice Garritsen behandelt, heeft die ochtend drie uur in de auto gezeten voor de afspraak – is ViaSana niet het enige centrum waar deze capsaïcinepleister behandeling uitgevoerd kan worden. Amar Sheombar: “Ik denk helaas dat er nogal wat onbekendheid bestaat over pijnbehandeling na een operatie, ook bij specialisten zelf. Daarom is het belangrijk dat specialisten zich realiseren dat neuropathische pijnklachten, zelfs na een goed uitgevoerde operatie, kunnen ontstaan en dat ze een pijnspecialist kunnen consulteren. Het is jammer dat pijncentra vaak gezien worden als een ‘last resort’, we hebben hierdoor eigenlijk een negatieve selectie van patiënten die er elders niet meer uitkomen. Dit beïnvloedt onze behandelresultaten. Ook wij kunnen geen honderd procent succes garanderen, maar wanneer we mensen weer functioneel krijgen en zij niet meer door hun klachten belemmerd worden, vind ik de pijnbehandeling geslaagd.”

M-QZA-NL-03-19-0001