Drs. B. Bistervels: Internet vervangt voor oogarts Bistervels alle boeken

Amsterdam, 30 november 2012
Bart Bistervels wilde eigenlijk kinderarts worden, hij had zelfs al een van de zeldzame opleidingsplaatsen. Maar door een enthousiaste opleider werd het uiteindelijk de oogheelkunde. Waar de kinderchirurgie toch nog een grote rol speelt.


Wat trekt u aan in de oogheelkunde?

De oogheelkunde heeft heel veel links naar de kinder- en interne geneeskunde en neurologie. Dat maakt het vakgebied heel breed. Als je in een grote maatschap werkt is er ook nog de mogelijkheid tot subspecialisatie, in mijn geval doe ik heel veel kinderchirurgie. Dus die kinderen zijn toch weer teruggekomen.

Want u had aanvankelijk kinderarts willen worden?

Ja, ik had ook een opleidingsplaats, maar toen ik in Nijmegen coschappen liep op de afdeling oogheelkunde had ik een heel enthousiaste opleider. Ook al was het destijds razend moeilijk om een opleidingsplaats kindergeneeskunde te krijgen, ik heb daarna meteen voor oogheelkunde gekozen. Ik doe het nog steeds met heel veel plezier en heb intussen ook veel coassistenten opgeleid.

Van welke wetenschappelijke bronnen maakt u gebruik?

Er zijn zo’n vier à vijf wetenschappelijk vaktijdschriften die ik moet lezen. Daarnaast heb ik ook nog abonnementen op bladen als het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde en The New England Journal of Medicine. Online gebruik ik kanalen als Eyetube, een soort YouTube voor de oogheelkunde en de medische databank eMedicine, waar je goed op subspecialisme kunt zoeken. Verder ga ik naar congressen of cursussen om op de hoogte te blijven. Eigenlijk vervangt internet alle boeken die op wetenschappelijk gebied zijn gepubliceerd. Enkele jaren geleden gaf ik jaarlijks nog drieduizend euro uit aan medische literatuur, maar op internet is bijna alles vrij toegankelijk. Ik ga nog wel eens af en toe naar de bibliotheken van Het Oogziekenhuis Rotterdam en het UMC Utrecht, maar dat is toch niet zo actueel als wat je op internet vindt.

Kan een applicatie als Medzine daar nog iets aan bijdragen?

De functionaliteit van een vergelijkbare app als Flipboard vind ik hartstikke leuk omdat je zelf kunt aangeven wat je interessant vindt. Je kunt nooit alles uit je hoofd weten, een app is een makkelijke manier om dingen snel op te zoeken. Een hoogleraar zei eens tegen me: ‘Alles wat ik weet staat op één nagel, maar alles wat ik kan opzoeken is enorm.’

Kunt u werk en privé goed scheiden als u overal over uw vak kunt lezen?

Ik neem mijn iPad wel mee op vakantie en lees in iedere Starbucks mijn mail. Ook werkgerelateerd. Maar m’n telefoon neem ik eigenlijk nooit mee op vakantie. Er zijn mensen die hun telefoon de hele dag aan hebben staan, maar ik doe dat alleen als ik dienst heb. Als ik weg ben uit het ziekenhuis ben ik niet bereikbaar, tenzij er iets bijzonders aan de hand is.

Door Anouk Brinkman