Dr. B.Ph. Schier: Zingende uroloog terughoudend met sociale media

Amsterdam, 15 augustus 2012
Uroloog Bart Schier voelt het als een voorrecht om in het Jeroen Bosch Ziekenhuis te werken, dat van oudsher een focus heeft op de urologie. Het stelt Schrier en zijn collega’s in de gelegenheid om met de nieuwste technologieën te werken en collega’s en aios uit het hele land op te leiden.

Volgens uw collega Cobi Reisman zijn urologen uit duizenden te herkennen. Deelt u die mening?

“De club urologen is niet zo groot. In Nederland zijn er ongeveer 350, dus je kent elkaar snel. De afgelopen jaren zijn een boel ziekenhuizen gefuseerd en dat loopt bij medisch specialisten nogal eens uit op een strijd, maar urologen overleggen een middagje en ze zijn eruit. Dat komt omdat we elkaar meestal al kennen. We hebben allemaal wel opvallende hobby’s, maar niemand vindt dat gek. We handelen meer vanuit de gedachte: niet iedereen is hetzelfde, maar we vullen elkaar aan.”

Wat is uw opvallende hobby?

“Ik ben redelijk creatief en speel viool en piano. Ook zing ik. Van een klassieke Matthäus Passion tot vlotte dingen zoals Michael Bublé. Als ik muziek maak kan ik m’n hoofd helemaal leegmaken, dan ben ik nergens anders mee bezig behalve de muziek. Mensen zeggen dat wel eens over hardlopen, maar als ik dat doe denk ik toch nog altijd wel aan werk of andere dingen. Sinds kort heb ik een racefiets en heb gemerkt dat opvallend veel collega’s fietsen. Een goede conditie is voor velen toch belangrijk.”

Wat spreekt u aan in de urologie?

“Dat wat waarschijnlijk iedere uroloog zal zeggen: dat je de patiënt in het volledige traject begeleidt. Van de diagnose tot de behandeling of de ingreep en de nacontrole. En dan hebben we hier in Den Bosch ook nog eens de mogelijkheid om gebruik te maken van nieuwste technologieën als een operatierobot voor de behandeling van blaas-, prostaat- en nierkanker. Daardoor heb ik de mogelijkheid patiënten zo goed mogelijk te behandelen. Tegelijkertijd vind ik het interessant dat in de urologie heel veel verschillende soorten patiënten langs komen. Simpele aandoeningen wisselen levensbedreigende aandoeningen af.”

Wat is uw subspecialisatie?

“Ik ben gepromoveerd op het thema blaaskanker, dus daar heb ik extra aandacht voor. Bij patiënten waarbij de blaas moet worden verwijderd doen wij dat minimaal invasief met de operatierobot. Dat wordt nog maar op drie plekken in ons land gedaan. In het Rijnstate in Arnhem, het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis en dus bij ons. Het is leuk om iets te hebben waar je vooruitstrevend in bent en daarmee kennis kunt overdragen aan collega-urologen in het land.”

Maakt u wel eens gebruik van sociale media om uw kennis te delen?

“Ik heb wel een Twitter-account, maar ik ben er niet heel actief mee. Een paar urologen die ik volg zijn heel actief, maar als je ziet wat ze online zetten… Het gaat soms over de hond die wordt uitgelaten of de vrouw waarmee ze gaan uit eten. Ook wordt wel eens gemeld dat een operatie lastig was. Niet handig als de familie van de patiënt je volgt. Ik denk dat het wel een goed medium is, maar meer om interessante dingen op te zetten zoals bijzonderheden tijdens een bezoek aan een congres. Ook spreekuren via Twitter vind ik lastig. Patiënten gaan toch vrij snel met de billen bloot en ik denk dat je diegene als dokter moet beschermen. Om die reden zie ik mezelf zoiets voorlopig niet doen. Maar dat kan in de toekomst best veranderen.”

Door Anouk Brinkman